Blog

’t Es nog ol nie na de wuppe

‘De West-Vlaamse jeugd spreekt zijn dialect niet meer’, zei Wannes Cappelle tussen twee liedjes door. Hij was halverwege een ontroerend en sfeervol concert op enkele kilometers van Wevelgem, de gemeente waar zowel hij als ik opgegroeid zijn en waar het West-Vlaams toen de norm was. 
Ik dacht meteen terug aan toen, aan hoe mijn vooruitstrevende ouders hun kinderen in het AN opvoedden in een tijd waarin niemand rond hen dat deed. Ik leefde in een tweetalig gezin. Onderling communiceerden mijn vader en moeder in het dialect; tot ons richtten ze zich in hun meest gekuiste versie daarvan. Het maakte me op school tot een buitenbeentje. De enige die geen dialect sprak. Dat leverde me een voorsprong op, zo merkte ik nu en dan. Zoals die keer dat de juf aan een meisje in de klas vroeg wat ze die middag gegeten had en het kind struikelde over de vertaling van het woord ‘bustek’. Ze probeerde het met ‘buistuk’, stootte nog wat andere Nederlands klinkende varianten uit op de toon van een groot vraagteken, tot de juf haar uit de nood hielp en ‘biefstuk’ zei. 
Maar wat een voorsprong was in de klas was een handicap op de speelplaats. Ik werd er uitgelachen met mijn AN, dat mijn klasgenootjes deed denken aan grote mensen op radio of tv, mensen uit een wereld waar wij niet toe behoorden. En dus oefende ik verwoed, probeerde ik de klanken te vormen die Wannes nu tot de mooiste poëzie kan kneden, tot ik me het dialect eigen had gemaakt en ik even vlot als de andere kinderen kon zeggen dat ’t tid wo da t ut wo’.
We zijn 2020. Op de speelplaats hoor je nog zelden dialect. Het vooruitstrevende van toen is het nieuwe normaal. Ouders voeden hun kinderen op in de taal van de grote mensen op radio en tv. Die behoren niet meer tot een andere wereld. Ze horen bij ons, bij alle Vlamingen die zich uitdrukken in iets dat voor AN moet doorgaan, maar waar altijd een zweem dialect in blijft doorklinken. Misschien zijn wij de laatste generatie die kan meebrullen met de prachtige teksten van Het Zesde Metaal. We hebben het gisteren alvast uit volle borst gedaan. We hebben gezongen ‘da olles nog nie na de wupp’es’. En daar ook echt in geloofd. Nint. ’t Es nog ol nie na de wuppe. Doe mo vwort.

Nog geen reacties

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.