Blog

Papieren krulletjes

Het is ochtend. Buiten klimt de zon aan een roodgloeiende hemel omhoog. Binnen spreidt de duisternis zijn tentakels uit en grijpt naar me. Ik zit aan tafel. Omringd door cursussen, pakken toetsen, een balpen, een laptop. Er moet gewerkt worden. Maar in me woedt een gevecht. Hoop en wanhoop. Ze strijden voelbaar. Vandaag wint misschien wel de wanhoop.
Ik benijd de vogels die ik de mooiste melodieën hoor zingen. Hun liedjes zijn een ode aan de vreugde van de onwetende. Maar voor wie weet is niet-weten geen optie meer.

Maandenlang heb ik volgehouden. Ik zou de moed niet laten zakken. Ik zou de hoop als een mantel om mijn lijf draperen, me wentelen in haar warmte en de focus stevig op het goede houden. Ik zou moed voelen en tonen, want moedeloosheid maakt alles alleen erger en infecteert iedereen rondom. Ik zou hoop uitstralen als was ik een menselijke zon, hopend dat anderen haar warmte oppikten. 

En ineens lijkt het niet meer genoeg. De wilskracht, de wetenschap dat ook dit een einde zal kennen, dat dit gebeuren een onloochenbare les kan zijn voor de mensheid en ons misschien daarna een mooiere wereld brengt. 

Of net niet. 

De twijfel.

Ik denk aan de boeken van Pema Chödrön. De rijkdom in haar woorden. Feiten zijn niet goed of slecht uit zichzelf. Ze zijn alleen feiten. Wij zijn het die er betekenis aan geven. 

Waarom kan ik het goede vandaag niet grijpen?

Misschien is het de stroom aan negatieve berichten die alle media spuien. De niet-aflatende input van nieuwsfeiten die me al bij het opstaan bombarderen, die inbeuken op dit hoofd dat het kwaad niet binnen wil laten en er ondanks alles mee volgepropt wordt. Misschien is het de harde toon die zich steeds luider laat horen, de mantra van de vermeende ontwaakten die me een slapende noemen, een willoos schaap dat niet meer voor zichzelf kan denken en dat dan maar de kudde volgt, dat zichzelf als martelaar opwerpt voor het algemeen belang, terwijl zij, en zij alleen, zien wat er echt gebeurt en zal gebeuren, die zeggen ‘wacht maar’. Misschien is het dat gevoel dat iets voor altijd is verdwenen en de vraag wat er voor in de plaats komt. De onzekerheid die ook zonder deze situatie ons deel is, het verlies van een illusie die controle inhield en houvast.

Ik trek een pak toetsen naar me toe. Neem een rode balpen in de hand. Kijkend naar het bovenste blad vraag ik me af waarom, waartoe, waarheen.

En dan gaat de bel. Een man reikt me een pakje aan dat ik niet besteld heb. Ik scheur het open. Honderden zongele papieren krulletjes vallen op het aanrecht, op de grond. Mijn hand grijpt naar iets in het midden. Een doos chocolaatjes. Een kaartje is bevestigd aan het glanzend rode lint. Er staan lieve woorden op.

Misschien komt alles toch nog goed. 

Misschien heb ik vanavond wel buikpijn.

Nog geen reacties

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.