Blog

Op afstand

Het was exact twee maanden geleden dat we elkaar voor het laatst hadden gezien. Het schoolgebouw was leeg en stil, de wind waaide door de hal waarvan alle deuren uitnodigend open stonden, op de speelplaats gaven banken aan waar gelopen mocht worden en waar niet. Tussen de banken wapperden linten. Het leek bijna een vrolijk tafereel.

We gingen in verspreide slagorde staan, zetten een stap achteruit wanneer een natuurlijke neiging ons toch weer net iets dichter bijeen bracht, en praatten van achter onze maskers tegen ogen die allemaal iets van verbazing in zich droegen. Al wat ons vertrouwd was voelde vreemd. Al wat vreemd was voelde steeds meer vertrouwd. We hadden het over hoe ons leven eruit zag, hoe de ene stemming ineens in zijn tegengestelde kon omslaan. Want nu eens meenden we ons aangepast te hebben aan de dingen zoals die nu eenmaal waren, dan weer voelden we ons bevangen door een beeld, een herinnering, een gedachte, en hakte de angst een gat in ons hart.

Binnen een paar dagen zullen we terug voor de klas staan. Onze blik zal zich vasthaken in de onzichtbare gezichtsuitdrukking van onze zesdejaars. Hij zal zoeken naar herkenning, naar wat ogen ons in hun eentje kunnen vertellen. We zullen ons even onzeker voelen als zij. Net als onze leerlingen zullen we wat verkrampen in het draaiboek dat stap voor stap gevolgd moet worden, in alle textiel, plexiglas en fysieke afstand die ons van elkaar moeten scheiden. Maar misschien ligt net daar ook een kans. Misschien kan het verlangen naar nabijheid ons verbinden en volgt de gewenning al snel. 

We borgen onze gloednieuwe face shield op in ons vakje en namen met een grote glimlach afscheid van elkaar.

Alles was zoals altijd. Alles was anders.

Nog geen reacties

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.