Blog

Het unicum

Ik word niet meteen aangetrokken door mensen die in gezelschap zo luid praten dat hun uitspraken duidelijk bedoeld zijn om door iedereen in de wijde omtrek gehoord te worden. 

Ik ben ook niet dol op mensen die zichzelf als geweldig en uitzonderlijk beschouwen en daarbij vergeten één van de 7,5 miljard te zijn.

Vaak vertonen mensen die de ene eigenschap in zich dragen echter ook de andere. Het is het type man of vrouw dat het alleen over zichzelf heeft, dat zijn of haar mening aan een oorverdovend volume in het rond bazuint en dat geen enkel ander mens de kans laat om ook aan het woord te komen.

Zo iemand kwam een tijdje geleden in mijn buurt toen ik wat aan het rondkijken was in een kledingwinkel. Vlakbij hoorde ik drie vrouwen. Of beter: ik hoorde er eentje. De andere twee leken haar te begeleiden als wandelende bevestiging van het wonderlijke dat die ene uitstraalde. Toen de vrouw een zwarte jurk met rode kleuraccenten opmerkte, slaakte ze een kreetje. Ze stortte zich op het rek, trok de jurk eruit en ging ermee voor de spiegel staan. 

‘Ik ben de enige die met zwart staat’, riep ze tegen haar twee vriendinnen. Haar stemvolume reikte wellicht tot in de winkel ernaast. Ze draaide wat in het rond, keek in de spiegel en glimlachte naar zichzelf.

‘Alleen ik kan zwart dragen’, parafraseerde ze haar eigen woorden. ‘Als jullie nu deze jurk zouden aantrekken, dan zouden jullie er flets uitzien en kleurloos. Maar zwart flatteert mij. Het zet ook mijn lichtblauwe ogen in de picture.’ Ze zuchtte diep, leek intens onder de indruk van haar verschijning. ‘Ja, zwart is echt een kleur waar niemand anders mee kan uitpakken. Maar ik dus wel.’

De twee vriendinnen zeiden niets. Ze keken zelfs wat beteuterd toe toen hun vriendin nog een pirouette maakte.

Quasi nonchalant bewoog ik me in hun richting. Ik nam dezelfde jurk uit het rek en ging voor een spiegel staan even verderop terwijl ik hem voor me hield. 

Het duurde amper een paar seconden. Toen weerklonk de stem van een van de vriendinnen al. Ze deed zelfs een paar stappen dichterbij.

‘O, maar die mevrouw, die staat ook met zwart, hoor. Wat is dat mooi.’

Vanuit mijn ooghoeken zag ik de vrouw die zichzelf als een unicum beschouwd had en dat ineens niet meer was. Ze leek verward en boos tegelijk. Ze leek zelfs wat gekrompen. Snel hing ze de jurk terug en met grote stappen verliet ze de winkel. Haar vriendinnen volgden. Ik zag nog net hoe de een de ander aanstootte en naar haar knipoogde, en ik dacht: wat is het heerlijk om nog eens stout en ondeugend te zijn. 

Nog geen reacties

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.